Dashboardlampjes en -symbolen
Op een motorfiets zitten over het algemeen een heel stuk minder dashboardlampjes dan op een personenauto. Hieronder behandelen we de meest voorkomende lampjes.
Neutraal

Dit is een groen lampje met soms een N erin, of ernaast. Geeft aan dat de motorfiets in de neutraal (vrij) staat. Bij oudere motorfietsen is dit vaak de enige manier om te zien waar je zit qua versnellingen. Modernere motorfietsen hebben in het dashboard aangegeven staan in welke versnelling de motorfiets staat.
Stadslicht of markeringslicht

Dit lampje geeft aan dat de verlichting ingeschakeld staat, minimaal op stadslicht. Controleer bij afwezigheid van het dimlicht-dashboardlampje altijd of je wel dimlicht voert. Alleen met stadslicht rijden is onverantwoord.
Dimlicht

Dit lampje geeft aan dat je dimlicht ingeschakeld hebt.
Groot licht

Dit lampje zit op alle motorfietsen en geeft aan dat je groot licht ingeschakeld hebt. Let op dat je niemand verblindt met groot licht.
Richtingaanwijzers

Deze pijltjes kunnen gecombineerd, of los van elkaar aangebracht zijn. Ze geven aan dat je richtingaanwijzer aan staat. Bij een gecombineerd lampje zul je zelf moeten controleren of je ook de juiste richtingaanwijzer aan hebt gezet.
Mistachterlicht

Dit lampje moet aanwezig zijn als de motorfiets voorzien is van een mistachterlicht. Dit lampje geeft aan dat het mistachterlicht ingeschakeld is. Je mag het mistachterlicht alleen aanzetten bij een zicht van 50 meter of minder, door sneeuwval of mist.
Brandstofniveau

Dit lampje geeft aan dat de brandstoftank bijna leeg is. Bij sommige motorfietsen kan er dan overgeschakeld worden naar een reservetankje.
Motortemperatuur

Dit lampje geeft aan dat er een probleem is met het koelsysteem. Meestal is de motor in dat geval te heet. Stop direct en laat de motor afkoelen, voordat je het koelvloeistofniveau controleert.
Motorolie

Er zijn twee verklikkerlampjes die een probleem kunnen aangeven met de motorolie. De oranje geeft aan dat je het oliepeil moet gaan controleren omdat het niveau te laag begint te worden.

De rode geeft aan dat je direct moet stoppen. In dat geval is er een acuut probleem met de motorolie en loop je het risico dat de motor stuk gaat door een te lage oliedruk en daardoor te weinig smering en koeling.
Accuspanning

Dit lampje geeft aan dat er een probleem is met de accu. Deze hoort te gaan branden zodra je de motorfiets op het contact zet, maar moet weer uitgaan zodra de motor gestart is. Blijft deze aan of gaat deze aan tijdens het rijden, dan laadt de accu niet meer voldoende op. Vaak betekent dit dat de accu aan vervanging toe is.
ABS

Dit lampje kan gaan knipperen tijdens het remmen, om aan te geven dat het ABS in werking treedt. Maar als deze zomaar gaat branden, geeft het een storing in het ABS aan. Laat dit nakijken door iemand met vakkennis.
Dashboard- en bedieningsorgaan-symbooltjes
Deze symbooltjes kom je tegen op de knopjes en hendeltjes op de motorfiets. Het is belangrijk dat je weet waar ze voor staan en dat je ze ook tijdens het rijden indien nodig blindelings kunt vinden.

Knop claxon (toeter)

Schakelaar parkeerlicht

Schakelaar stadslicht

Schakelaar dimlicht

Schakelaar richtingaanwijzers

Schakelaar groot licht

Schakelaar mistvoorlicht

Schakelaar mistachterlicht

Schakelaar alarmverlichting