Inhalen

Invoegstrook

Rijstrook die bestemd is voor bestuurders die de doorgaande rijbaan op willen rijden. Deze strook hoort niet bij de doorgaande rijbaan. Tussen de doorgaande rijbaan en de invoegstrook ligt blokmarkering.

Uitrijstrook

Rijstrook die bestemd is voor bestuurders die de doorgaande rijbaan willen verlaten. Deze strook hoort niet bij de doorgaande rijbaan. Tussen de doorgaande rijbaan en de uitrijstrook ligt blokmarkering.

Weefstrook

Een gecombineerde invoeg- en uitrijstrook. Deze strook wordt zowel gebruikt door bestuurders die de doorgaande rijbaan willen oprijden, als bestuurders die deze willen verlaten. De combinatie van dit invoegende en uitrijdende verkeer noemen we weven.

Spitsstrook

Een strook die in de spits gebruikt kan worden als extra rijstrook. Dit kan een smallere strook zijn aan de linkerkant van de rijbaan, maar ook de vluchtstrook. Buiten de spits is deze strook dicht, of in gebruik als vluchtstrook. Of de strook wel of niet in gebruik is als rijstrook wordt aangegeven met groene pijlen (open) of rode kruisen (dicht). De maximumsnelheid kan bij een geopende spitsstrook extra worden verlaagd, bijvoorbeeld van 100 km/u naar 80 km/u.
Is de vluchtstrook in gebruik als spitsstrook, dan mag de doorgetrokken streep links naast deze strook overschreden worden.

c23 01

C-23-01 Vluchtstrook in gebruik als spitsstrook

c23 02

C-23-02 Spitsstrook eindigt verderop; spitsstrook vrijmaken

c23 03

C-23-03 Einde spitsstrook; strook weer in gebruik als vluchtstrook

Redresseerstrook

Smal strookje asfalt tussen de kantstreep en de (midden)berm, voornamelijk aanwezig op autosnelwegen. Kan gebruikt worden om uit te wijken bij nood. Buiten dat mag je er niet overheen rijden.

Ritsen

Het om-en-om invoegen als twee rijstroken overgaan in een enkele rijstrook. Meestal voegt de linkerrijstrook in bij de rechter, maar dit kan ook andersom zijn.

Inhaalzicht

Het minimale zicht dat nodig is om te kunnen bepalen dat de hele inhaalmanoeuvre veilig uit te voeren is.

Bij het inhalen rijd je een ander rijdend voertuig voorbij. Dit kan bijvoorbeeld zijn via een andere rijstrook in dezelfde richting, of via het weggedeelte voor tegemoetkomend verkeer. Vooral in dit laatste geval kan inhalen best gevaarlijk zijn. De basisregel voor het inhalen is dat je dit aan de linkerkant moet doen.

Basisregel inhalen

Inhalen moet normaal gesproken aan de linkerkant.

Rechts inhalen verplicht

Er bestaan een aantal uitzonderingen op de regel dat je links moet inhalen. In één situatie mag je zelfs alleen maar rechts inhalen in plaats van links. Links inhalen mag in dat geval niet. Dat is als de bestuurder die je wilt gaan inhalen, heeft aangegeven links af te willen slaan en hiervoor is voorgesorteerd. Kan dit op een veilige manier en heeft dit nut, dan haal je deze bestuurder rechts in. Hiervoor mag je eventueel een fietsstrook met onderbroken streep gebruiken.

rechts inhalen

De motorrijder mag de witte auto die links de inrit in wil rijden niet links inhalen. Rechts inhalen mag wel en kan zorgen voor een goede doorstroming.

Rechts inhalen toegestaan

De andere uitzonderingen op de basisregel dat je links moet inhalen zijn:

  • Fietsers moeten elkaar links inhalen, maar mogen andere bestuurders rechts inhalen.
  • Bestuurders mogen een tram zowel rechts als links inhalen, afhankelijk van de ruimte.
  • Bestuurders die zich rechts van de blokmarkering bevinden, mogen bestuurders die zich links van deze markering bevinden rechts inhalen.
  • In geval van filevorming over meerdere rijstroken in dezelfde richting mag je zowel rechts als links inhalen. Motorrijders mogen tijdens file op de autosnelweg tussen de twee links gelegen rijstroken doorrijden.
  • Vlak voor en op een rotonde mag je zowel rechts als links inhalen.
tram inhalen

De tram mag hier rechts ingehaald worden. Houd wel rekening met het beperkte zicht door de tram.

inhalen blokmarkering

Rechts van de blokmarkering inhalen is toegestaan. Je mag hier na het inhalen niet meer terug naar de doorgaande rijbaan.

filefilteren

In fileverkeer op de autosnelweg mag je als motorrijder tussen de rijstroken door rijden.

rotonde rechts inhalen

Vlak voor en op de rotonde mag je rechts inhalen.

Gedragscode motorrijders in de file

Motorrijders mogen tijdens file op de autosnelweg de file inhalen. Ze mogen dit alleen doen tussen de twee meest links gelegen rijstroken. Ze mogen niet meer dan 10 km/u sneller rijden dan het overige verkeer. Als de file weer op gang komt moeten ze weer tussenvoegen. Let dus op motorrijders in de file!
Ga indien nodig iets verder aan de kant van de rijstrook rijden om ruimte voor ze te maken.

Inhalen verboden

Er zijn ook situaties waarbij het absoluut niet toegestaan is om in te halen, aan welke kant dan ook. Inhalen is in de volgende gevallen verboden:

  • Vlak voor of op een voetgangersoversteekplaats (ook wel zebrapad genoemd).
  • Als je een doorgetrokken streep tussen de rijstroken moet overschrijden, tenzij er aan jouw kant van de doorgetrokken streep een onderbroken streep ligt.
  • Als dit door borden wordt aangegeven.
  • Als je zelf al wordt ingehaald.
  • Als dit op enige wijze gevaar of hinder kan veroorzaken, denk hierbij aan onoverzichtelijke plekken of bij slecht zicht door mist of neerslag.
inhalen vop

Vlak voor of op een voetgangersoversteekplaats mag je niet inhalen.

inhaalverbod

Als dit bord (F-1) langs de kant van de weg staat, mogen motorvoertuigen elkaar niet inhalen.

Veilig inhalen

Inhalen is een gevaarlijke manoeuvre. Vooral als je hierbij over het weggedeelte van tegemoetkomend verkeer moet. Schat iemand een inhaalmanoeuvre verkeerd in, dan eindigt dit regelmatig in een frontale aanrijding. Deze aanrijdingen zorgen vaak voor zwaargewonden, of zelfs doden. Vooral een motorrijder kan dit zelden navertellen.

Soms is aan de belijning te zien dat inhalen wordt afgeraden. Als de asstreep is uitgevoerd als een waarschuwingsstreep bijvoorbeeld. In dat geval is de streep wel onderbroken, maar zijn de strepen drie keer zo lang als de onderbrekingen. Deze strepen vind je op plekken waar inhalen door het wegtype gevaarlijker is, of op plekken waar kort daarna de situatie wijzigt. Bijvoorbeeld naar een doorgetrokken streep.

Zorg dat je altijd voldoende afstand houdt voor het inhalen. Alleen dan heb je voldoende inhaalzicht en kun je de inhaalmanoeuvre vlot uitvoeren. Je hebt dan namelijk de mogelijkheid om verder langs het in te halen voertuig te kijken en je kunt vast snelheid maken op je eigen weghelft, voordat je opschuift naar de linker weghelft.

Voor inhalen geldt: bij twijfel, niet doen!
Haal daarnaast alleen in als inhalen echt nut heeft.

Let op, automatisch vertalen staat aan in jouw browser. Dit kan ongewenste vertalingen geven op deze site. Wij zijn niet verantwoordelijk voor fouten die hierdoor ontstaan in ons lesmateriaal.