Algemene veiligheidseisen
Er is al veel gesproken over veiligheid. Eigenlijk is er één ding heel belangrijk in het kader van veiligheid: Je eigen gezonde verstand. Als iets onveilig lijkt, dan is het dat waarschijnlijk ook. Vaak wordt onderschat hoeveel kracht er op bepaalde onderdelen en lading komt tijdens het optrekken, rijden, remmen en sturen. Lading die niet goed vastzit kan levensgevaarlijk worden tijdens het rijden. Ook passagiers kunnen de wegligging, het stuur- en remgedrag van de motorfiets beïnvloeden.
Lading
Lading mag geen belemmering vormen tijdens het rijden. Zet lading goed vast, zodat het altijd op de plaats blijft bij het optrekken, sturen en (stevig) remmen. Zorg ervoor dat een eventuele tanktas het sturen niet hindert. Denk ook aan loshangende riempjes. Als deze tijdens het rijden tussen de bewegende delen van de motorfiets komen te zitten kan dit flinke gevolgen hebben.
Lading mag er ook niet voor zorgen dat de verlichting of kentekenplaat slechter zichtbaar is. Controleer dit dus altijd zodra je losse lading op je motorfiets hebt gebonden.
Het meenemen van lading in zij- of topkoffers of speciaal hiervoor ontworpen motortassen heeft altijd de voorkeur. Dan weet je, bij goed gebruik, zeker dat de lading goed vast zit.
Verlies je namelijk lading, dan is de kans groot dat jij moet opdraaien voor de schade die deze lading heeft veroorzaakt.

Lading mag jou niet hinderen tijdens het rijden en moet goed vast zitten
Passagiers
Volwassen passagiers en kinderen vanaf 12 jaar zijn zelf verantwoordelijk voor de manier waarop ze zich laten vervoeren. Maar dat betekent niet dat je als bestuurder hier niks meer over te zeggen hebt. Neem als bestuurder je eigen verantwoordelijkheid en zorg dat alles en iedereen veilig vervoerd wordt. Ga niet rijden met een passagier zonder helm. Geef het aan als je last hebt van jouw passagier, bijvoorbeeld omdat deze te veel tegenhangt of op een andere manier de motorfiets in onbalans brengt. Zorg ook dat passagiers veilig gekleed zijn.
Jij moet zorgen dat je goed geconcentreerd blijft tijdens het rijden. Laat je niet opjagen door passagiers en houd je aan de regels. Als er iets misgaat doordat je werd afgeleid of uitgedaagd, ben jij degene die voor alle schade mag opdraaien.
Kledingeisen
Ondanks dat er geen officiële kledingeisen zijn voorgeschreven in de wet, is het dragen van beschermende kleding tijdens het motorrijden een must. Als motorrijder ben je immers kwetsbaarder in het verkeer dan als automobilist. Er zijn geen passieve veiligheidsvoorzieningen zoals kooiconstructies, kreukelzones en airbags.

Bij het CBR is het dragen van beschermende kleding dan ook verplicht tijdens het afleggen van de praktijkexamens. Het gaat hierbij om een goedgekeurde helm met vizier of een (zonne)bril, een motorbroek en -jas of een motorpak, motorhandschoenen en motorlaarzen.
Bestuurders en passagiers van motorfietsen met of zonder zijspan, zijn beter beschermd met de volgende uitrusting:
- Een goed passende helm die voldoet aan de wettelijke eisen (verplicht).
- Een motorpak, liefst fel van kleur en voorzien van reflecterende strepen, zodat de bestuurder ook in het donker goed zichtbaar is. Het dragen van opvallende kleding zal, vooral in het donker, altijd iets bijdragen aan de zichtbaarheid. Het is echter geen garantie. Een goede rijstijl is in dat opzicht nog veel belangrijker.
- Leren of textielen verstevigde handschoenen die goed sluiten om handen en polsen. Deze zijn niet alleen voor de warmte maar vooral ook voor de veiligheid.
- Laarzen van soepel leer met een stevige neus. Deze moeten zo hoog zijn dat ze de enkel beschermen bij een val.
- Oogbescherming, zoals een vizier of motorbril. Losse motorbrillen passen alleen op de police- en jethelmen. De meeste helmen zijn voorzien van een vizier waarbij een losse bril niet nodig is.
- Gehoorbescherming. Geen verplichting maar wel zeer verstandig. Vooral tijdens het rijden op autosnelwegen kan de wind zorgen voor gehoorschade. Zorg voor gehoorbescherming met een filter, zodat je omgevingsgeluiden wel blijft horen. Het beste zijn de persoonlijk aangemeten gehoorbeschermers (otoplastieken).
Rijden met passagiers
Neem alleen een passagier (ook wel een ‘duo’ genoemd) mee als die passagier dit ook ziet zitten. Spreek van te voren af hoe je het aanpakt, geef aan hoe de passagier je onderweg iets kan duidelijk maken. Leg de passagier goed uit wat je van hem of haar verwacht tijdens de rit.
Zorg ervoor dat je passagier goed zit en dus een goede zithouding aanneemt. Dit betekent dat de passagier zo dicht mogelijk tegen je aan komt zitten, zodat deze je bewegingen goed kan volgen. Vaak is het verstandig om de achtervering zwaarder af te stellen, in overeenstemming met het gewicht van de passagier en eventuele bepakking. Soms kan het nodig zijn om ook de voorvering anders af te stellen. Een te zwaar belaste vering neigt tot doorslaan en het veerelement kan hierdoor beschadigen. In de bochten kijkt de passagier mee. In de linkerbocht links voorbij de bestuurder en de rechterbocht rechts voorbij de bestuurder.


Houd er rekening mee dat de remweg (en dus de stopafstand) met een passagier door het toegenomen gewicht langer zal zijn. De remtechniek is ook iets anders. Door de hogere druk op het achterwiel en de grotere gewichtsverplaatsing naar het voorwiel tijdens het remmen, kun je (tijdens goede weersomstandigheden!) forser remmen dan zonder passagier. Dit is ook nodig om de remweg te beperken. Omdat dit wat oefening vergt, is het belangrijk om met een passagier nog defensiever te rijden dan zonder. Dit om ervoor te zorgen dat je niet abrupt hoeft te remmen. Tijdens het optrekken moet je er rekening mee houden dat het voorwiel eerder van de grond zal komen (een wheelie) dan zonder passagier. Trek dus rustiger op.
Kinderen meenemen als passagier
In Nederland is wettelijk gezien niet veel geregeld voor wat betreft het meenemen van kinderen op de motorfiets, behalve een goed passende en sluitende helm. Toch moet er goed over nagedacht worden of je je kind wel moet meenemen. Kinderen zijn erg kwetsbaar en motorrijden is per definitie gevaarlijker dan autorijden. Het advies is om (kleinere) kinderen alleen in een zijspan mee te nemen.

Ondanks dat er geen regelgeving is voor meerijdende kinderen, wordt het ten strengste geadviseerd om geen kleine kinderen mee te nemen.

Is je kind groot genoeg en rijdt het mee, zorg dan voor goede kleding en maak goede afspraken vooraf.
Als je toch besluit een kind mee te nemen, let dan in ieder geval goed op de volgende zaken:
- Neem een kind pas achterop mee als het voldoende kracht heeft om zich aan je vast te houden. Er bestaan speciale gordels die je als bestuurder om je middel kunt doen waar handvatten aan zitten. Zich hieraan vasthouden is voor een kind makkelijker dan vasthouden aan een middel.
- Op een motorfiets voorzien van zijkoffers en een topkoffer zit een kind over het algemeen veiliger en beschermder dan op een motorfiets zonder deze accessoires.
- Ga alleen rijden als het kind goed bij de voetsteunen kan.
- Houd altijd rekening met het karakter van het kind. Het ene kind is geschikter om achterop de motorfiets mee te nemen dan het andere kind. Spreek van te voren ook duidelijke tekens af, zodat het kind zonder moeite direct kan aangeven dat je bijvoorbeeld even moet stoppen.

- Zorg voor een goedpassende helm. Let er vooral op dat de helm niet te zwaar is. Bij een ongeval komen er enorme krachten op een nek te staan.
- Koop altijd echte motorkleding voor het kind, ook al is dat slechts voor enkele zondagen dat je het kind meeneemt. Het is een grote uitgave, maar de kosten wegen niet op tegen de gevolgen van een val met de motorfiets, als het kind geen goede en veilige kleding draagt.
Als bestuurder ben jij verantwoordelijk voor de helmplicht van een passagier tot 12 jaar. Vanaf 12 jaar is de passagier zelf verantwoordelijk. Maar het spreekt voor zich dat je nooit gaat rijden als de passagier geen goedgekeurde en goedpassende helm draagt. Let er vooral bij kinderen ook op dat ze de helm op de juiste manier dragen en dat deze goed vast zit.