Milieu

Autorijden in een voertuig met een verbrandingsmotor (meestal op benzine of diesel, maar ook gas en alcohol/ethanol vallen hieronder) is per definitie niet goed voor het milieu. Er komen steeds meer voertuigen met een elektromotor of een combinatie van een verbrandingsmotor en een elektromotor (hybride). Dit klinkt heel milieuvriendelijk en deze voertuigen hebben ook minder tot geen uitstoot van schadelijke stoffen.

Maar ook elektriciteit moet opgewekt worden en dat gebeurt lang niet altijd op een schone manier. De accu’s van deze voertuigen hebben geen onbeperkte levensduur en moeten hierna ook afgevoerd worden. Daarom is het in alle gevallen belangrijk om zo zuinig mogelijk te rijden en geen energie te verspillen, ongeacht of dit nu energie van een verbrandingsmotor of een elektromotor is.

Energielabel

Aan de hand van energielabels kan je het verschil in verbruik tussen de verschillende merken en types zien. De categorieën op het energielabel worden aangegeven met de letters A tot en met G en met drie kleuren: groen (A tot en met C) voor zuinig, geel (D en E) voor gemiddeld en rood (F en G) voor niet zuinig. De normen voor deze categorieën worden ieder jaar herzien en hebben onder andere te maken met het brandstofverbruik en de CO2-uitstoot van het voertuig.

energielabel groot nl 1

Schadelijke stoffen

Door een verbrandingsmotor worden diverse schadelijke stoffen geproduceerd, zoals:

  • Koolstofoxiden (CO en CO2)
    Doordat koolstofdioxide (CO2) infrarode straling van de zon absorbeert, warmt de aarde op (broeikaseffect). Koolstofmonoxide (CO) en koolstofdioxide (CO2) ontstaan bij de verbranding van fossiele brandstoffen, zoals benzine en diesel. Een benzinemotor stoot meer CO2 uit dan een dieselmotor.
  • Stikstofoxiden (NOx)
    Stikstofoxiden zijn schadelijk voor de gezondheid en tasten de ozonlaag aan. Ze ontstaan bij alle vormen van verbranding op hoge temperatuur, bijvoorbeeld in een verbrandingsmotor. Een dieselmotor stoot aanzienlijk meer stikstofoxide uit dan een benzinemotor.
  • Zwaveldioxide (SO2)
    Zwaveldioxide is schadelijk voor de gezondheid. Het komt vrij bij de verbranding van bepaalde fossiele brandstoffen. Het is één van de belangrijkste veroorzakers van luchtvervuiling, smog en zure regen.
  • Fijnstof (PM)
    Fijnstof is een vorm van luchtvervuiling die schadelijk is voor de gezondheid. Het bestaat uit zeer kleine deeltjes stof (zoals roet), afkomstig van verbrandingsmotoren. Een dieselmotor veroorzaakt meer roet dan een benzinemotor, maar heeft tegenwoordig een roetfilter. Benzinemotoren hebben deze (nog) niet. Fijnstof bestaat ook uit deeltjes afkomstig van wrijving van remmen, afschuren van rubberbanden en het wegdek.
c22e4

C-22e4
Milieuzone voor dieselpersonenauto’s, toegankelijk voor emissieklasse 4 tot en met 6

Emissieklasse en milieuzones

Voertuigen op diesel worden ingedeeld in een bepaalde emissieklasse (van 0 tot en met 6). Hoe hoger de emissieklasse, hoe schoner het voertuig. Dit is afhankelijk van de uitstoot van schadelijke stoffen. Gemeentes kunnen vervolgens milieuzones instellen. Binnen zo’n milieuzone mogen alleen dieselvoertuigen komen die vallen binnen een hogere emissieklasse. Valt je voertuig bijvoorbeeld in emissieklasse 3, dan mag je een gebied dat toegankelijk is voor emissieklasse 4 tot en met 6, niet inrijden.

In welke emissieklasse een voertuig valt en waar milieuzones zijn ingesteld, kan je vinden op www.milieuzones.nl.

Milieumaatregelen

Auto’s en andere voertuigen met een verbrandingsmotor worden steeds meer voorzien van technieken die de uitstoot van schadelijke stoffen tegen moeten gaan. Denk hierbij aan:

  • Driewegkatalysator
    Een katalysator is een onderdeel van een verbrandingsmotor die de uitlaatgassen reinigt. Dat vermindert de uitstoot van koolstofoxiden en stikstofoxiden. Maar een katalysator werkt pas optimaal als deze de juiste temperatuur heeft bereikt. Dit is na zo’n 15 tot 20 minuten rijden. Daarom zijn korte stukjes rijden ook belastender voor het milieu dan langere stukken.
  • Roetfilter
    Roetfilters worden uitsluitend op een auto met dieselmotor aangebracht. Ze verminderen de uitstoot van roetdeeltjes (fijnstof).
  • AdBlue
    AdBlue is een vloeistof die gebruikt wordt in dieselmotoren om de uitstoot van schadelijke stoffen te verminderen. AdBlue wordt in de hete uitlaatgassen ingespoten waardoor schadelijke stikstofoxiden worden omgezet in onschuldig stikstof en water.
istock 519898820

AdBlue moet je zelf bijvullen. De vulopening zit meestal naast de vulopening van de diesel.

vw katalysator

Het omcirkelde onderdeel is de katalysator.

Energiebewust rijden

De grootste milieubesparing bereik je door de auto gewoonweg niet te gebruiken. Moet je toch autorijden, probeer dan het energieverbruik zoveel mogelijk te beperken en rijd zo energiezuinig mogelijk:

  • Rijd direct na het starten rustig weg
    Laat de verbrandingsmotor niet tijdens stilstand warmlopen en geef niet te veel gas bij wegrijden.
  • Schakel vlot door
    Schakel bij een auto met handschakeling zo vroeg mogelijk door naar een hogere versnelling. Het is afhankelijk van merk en type wanneer je het best kan schakelen, maar grofweg kan je aanhouden dat onder de 1.500 toeren te vroeg is en boven de 2.500 toeren te laat.
  • Laat het voertuig uitrollen
    Denk je langzamer te moeten rijden of zelfs te moeten stoppen, laat dan op tijd je gas los en laat de auto in de versnelling uitrollen. Rem niet onnodig.
  • Houd de bandenspanning op peil en laat op tijd onderhoud uitvoeren
    Zorg voor een goede bandenspanning en onderhoud je voertuig met regelmaat. Een goed onderhouden voertuig met een goede bandenspanning verbruikt minder energie.
  • Anticipeer goed en houd afstand
    Kijk zo ver mogelijk vooruit en anticipeer op het overige verkeer. Houd voldoende volgafstand aan. Je kan dan met een constantere snelheid doorrijden en je hoeft minder vaak te remmen en weer op te trekken.
  • Zet de motor af bij langer wachten of gebruik het start-stop-systeem
    Weet je van tevoren dat je iets langer stilstaat, zoals bij een gesloten overweg of een geopende brug, zet dan de motor uit als deze dat niet automatisch doet.
  • Maak gebruik van energiebesparende apparaten
    Gebruik de cruisecontrol, de boordcomputer en het navigatiesysteem om zo zuinig mogelijk te rijden.
  • Maak zo min mogelijk gebruik van energieverbruikers
    Denk hierbij aan de airconditioning, stoelverwarming en stuurverwarming, verwarmde buitenspiegels en dergelijke.
  • Bereid de reis goed voor
    Plan van tevoren je route. Vertrek op tijd en vermijd zoveel mogelijk de spits (filerijden is onzuinig). Vermijd onnodig gewicht in de auto en haal een dakkoffer, imperiaal of fietsendrager na gebruik direct van het voertuig. Voorkom korte ritten.
  • Rijd zo min mogelijk met geopende (dak)ramen
    Geopende ramen zorgen voor meer luchtweerstand. De auto is dan minder gestroomlijnd en verbruikt daardoor meer energie.
bandenspanning

Rijden met een te lage bandenspanning zorgt voor meer energieverbruik.

vintage suitcases on the roof of the trunk of a car

Een dakkoffer op het dak zorgt voor meer luchtweerstand en daarom voor meer energieverbruik.



Let op, automatisch vertalen staat aan in jouw browser. Dit kan ongewenste vertalingen geven op deze site. Wij zijn niet verantwoordelijk voor fouten die hierdoor ontstaan in ons lesmateriaal.