Beperkingen van het gezichtsveld

Loop of fiets je ergens, dan kan je door je hoofd te draaien bijna alles wel goed waarnemen. Er kunnen natuurlijk gebouwen, struiken of voertuigen in je zicht staan, waardoor je iets minder goed kan zien. Maar buiten dat is er weinig dat je zicht belemmert. Dit verandert als je in een auto stapt. Ineens heb je raamstijlen en andere voertuigonderdelen die in de weg zitten en je zicht beperken. Hier moet je bewust mee omgaan om ervoor te zorgen dat je veilig aan het verkeer blijft deelnemen.

Gezichtsveld bestuurder

Veel bestuurders hebben niet door hoeveel zicht verloren gaat achter bijvoorbeeld een raamstijl of een op het raam gemonteerd navigatiesysteem. Maar hier kunnen fietsers en zelfs motorrijders en auto’s achter wegvallen.
Daarom moet je tijdens het kijken bewust om de raamstijlen heen kijken en het stukje weg achter het navigatiesysteem ook controleren. Dit doe je door je lichaam en hoofd een beetje heen en weer te bewegen tijdens het kijken.

dodehoek 1

In eerste instantie denk je alles gezien te hebben.

dodehoek 2

Maar die andere auto viel volledig weg achter de raamstijl!

De ruimte vlak voor, naast en achter de auto is ook slecht te overzien. Dit kan vooral bij krappe manoeuvres wel eens problemen geven. Veel moderne auto’s zijn voorzien van sensoren of zelfs camera’s om ook deze gebieden te kunnen overzien.

Belemmering in het zicht door de omgeving

Behalve dat je als bestuurder in je zicht belemmerd wordt door onderdelen van je eigen voertuig, kan je ook belemmerd worden door obstakels, zoals gebouwen, bomen en voertuigen. Een voorbeeld hiervan zie je bij afdekongevallen. Zoals onderstaande situatie waarbij een bestuurder een weg denkt te kunnen oprijden, maar de rode auto achter de afslaande vrachtauto niet heeft kunnen zien.

pag 128

De witte lesauto kan door de vrachtauto de rode auto niet zien aankomen. Als de bestuurder van de lesauto hier niet bewust mee bezig is, kan hierdoor een afdekongeval ontstaan.

Helaas is dit een situatie waarin onze hersenen ons kunnen misleiden. Waar je niet bewust aan denkt en wat je ogen niet waarnemen, is er voor je hersenen niet. Dit kan gevaarlijke en soms ook dodelijke situaties opleveren.

Hier kan je zelf als bestuurder wel iets aan doen. Wees je bewust van de plekken die je niet kan overzien. Ga ervan uit dat hier voertuigen vandaan kunnen komen. Pas hier je snelheid op aan, zodat je nog op tijd kan stoppen.

Gezichtsveld andere weggebruikers

Sommige bestuurders hebben puur door hun voertuig al een slecht zicht rondom, zoals vrachtautobestuurders en bestuurders van langere combinaties. Geef deze voertuigen de ruimte die ze nodig hebben. Ga ervan uit dat iemand je niet ziet als jij diegene ook niet kan zien. Blijf zoveel mogelijk uit de dode hoeken en houd afstand, vooral bij vrachtauto’s die willen afslaan, keren of achteruitrijden.

Het plaatje hiernaast laat de dode hoeken van de vrachtauto zien. De effen rode vlakken zijn niet te overzien. De gestreepte vlakken zijn deels te overzien, maar slechter naarmate je lager bij de grond bent. Kleinere weggebruikers, zoals voetgangers en fietsers, zijn hier nog steeds niet zichtbaar. Het gedeelte dat gemarkeerd is met de X, is met een extra spiegel te overzien, maar wordt sterk verkleind door de bolling van deze spiegel. Hierdoor is het lastiger te zien hoe ver weggebruikers weg zijn.

dode hoek vrachtwagen met vlakken


Let op, automatisch vertalen staat aan in jouw browser. Dit kan ongewenste vertalingen geven op deze site. Wij zijn niet verantwoordelijk voor fouten die hierdoor ontstaan in ons lesmateriaal.