Verkeersinzicht en rijgedrag

Om op een goede manier aan het drukke verkeer deel te nemen, is verkeersinzicht en het goed omgaan met je voertuig (voertuigbeheersing) noodzakelijk. Maar ook het op de juiste manier met elkaar omgaan is belangrijk voor een goede verkeersveiligheid.

Verkeersinzicht gaat verder dan het kennen en toepassen van de verkeersregels. Sommige situaties zijn niet met regels op te lossen en in deze situaties zal je zelf moeten bedenken wat juist is. Als je hierbij alleen denkt aan jezelf, kan het zijn dat je andere weggebruikers in gevaar brengt. Een goede bestuurder denkt op de juiste momenten ook aan het belang van anderen en schuift hierbij zijn eigen belang opzij als dat nodig is.

Asociaal en agressief rijgedrag

Asociale weggebruikers zetten hun eigen belang voorop, ook als dit de verkeersveiligheid in gevaar brengt. Ze nemen bijvoorbeeld voorrang waar ze het niet hebben, rijden te snel, negeren het rode verkeerslicht of snijden andere weggebruikers af. Sommigen reageren daarnaast ook nog agressief als ze op hun asociale gedrag gewezen worden.

istock 1032694668 1

Het openen van je portier zonder te kijken valt onder asociaal verkeersgedrag.

istock 1075079544 1

Ook appen tijdens het rijden is asociaal en ronduit gevaarlijk.

De politie heeft in deze gevallen de mogelijkheid om terug te vallen op het ‘kapstokartikel’, artikel 5 van de Wegenverkeerswet. Dit artikel verbiedt het veroorzaken van hinder en gevaar op de openbare weg. Zo kan de asociale bestuurder zijn rijbewijs kwijtraken, te maken krijgen met hoge boetes of aangemeld worden voor een Educatieve Maatregel Gedrag en verkeer (EMG). In sommige gevallen moet de bestuurder zich zelfs verantwoorden voor de rechter.

Artikel 5 van de Wegenverkeerswet, 'Kapstokartikel'

Het is voor iedereen verboden om zich op de weg zo te gedragen dat hinder of gevaar wordt veroorzaakt of kan worden veroorzaakt.

Sociaal en defensief rijgedrag

Sociale weggebruikers zetten op de juiste momenten hun eigen belang opzij. Dit gaat verder dan het toepassen van de regels en zelf zo min mogelijk fouten maken. Ze proberen eventuele fouten van anderen te voorspellen en herkennen en helpen vervolgens met het oplossen ervan.

Ook iemand voorlaten die er anders nooit tussenkomt, valt onder sociaal rijgedrag.

Om sociaal rijgedrag te kunnen vertonen, zal je defensief moeten rijden. Dit betekent dat je ver vooruitkijkt, op tijd je snelheid aanpast en rekening houdt met onverwachte situaties.

503

Rustig en ruim om een ruiter heenrijden valt onder sociaal en veilig rijgedrag.

521

In de file ruimte maken voor motorrijders, zodat zij tussen de file door kunnen rijden, valt onder sociaal rijgedrag.

Anticiperen

Ver vooruitkijken en vooruitdenken. Het op tijd herkennen van mogelijk gevaarlijke situaties en jezelf instellen op de handelingen die je moet uitvoeren.
Het daadwerkelijk uitvoeren van deze handelingen valt onder defensief rijden.

1303

Rekening houden met spelende kinderen en direct reageren, zodra een bal de weg op rolt, valt onder anticiperen.

Zowel anticiperen als defensief rijden betekent niet dat je extra langzaam gaat rijden. Het betekent ook niet dat je overal voorrang gaat verlenen, terwijl je zelf voorrang hebt. Het betekent dat je je probeert in te leven in wat andere weggebruikers van plan zijn en wat ze van jou verwachten. Daar pas je je gedrag alvast op aan.

Besluitvaardig rijgedrag

Besluitvaardig rijden betekent dat je op tijd de juiste beslissingen durft te nemen en deze ook vlot uitvoert. Laat hierbij ook duidelijk zien wat je van plan bent. Hiervoor is een goede kennis van de verkeersregels en een goed verkeersinzicht noodzakelijk.

Hoe meer ervaring je hebt, hoe makkelijker het wordt om besluitvaardig te rijden. De termen defensief rijgedrag, besluitvaardig rijgedrag en anticiperen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Het belangrijkst hierbij blijft: kijk ver vooruit en begin op tijd met nadenken.



Let op, automatisch vertalen staat aan in jouw browser. Dit kan ongewenste vertalingen geven op deze site. Wij zijn niet verantwoordelijk voor fouten die hierdoor ontstaan in ons lesmateriaal.