Bijzondere voertuigen – voorrangsvoertuigen
Sommige voertuigen hebben meer rechten dan andere voertuigen. Dit zijn bijvoorbeeld de voorrangsvoertuigen. Daarnaast hebben trams, militaire colonnes en uitvaartstoeten van motorvoertuigen bijzondere rechten.
Ook zijn er voertuigen die niet direct extra rechten hebben, maar waar je wel extra rekening mee moet houden. Denk hierbij aan grotere transporten.
- Voorrangsvoertuig
Motorvoertuig dat optische signalen (zwaailicht) en geluidssignalen (sirene) voert. Het gaat hierbij om blauwe zwaai- of knipperlichten en een tweetonige hoorn. Deze voertuigen moet je altijd voor laten gaan.
- Ambulance
Motorvoertuig, ingericht en bestemd om te worden gebruikt voor het vervoer van zieke of gewonde personen van en naar het ziekenhuis.
- Diensten voor spoedeisende medische hulpverlening
Motorvoertuig, bedoeld voor het verlenen van spoedeisende medische hulpverlening. Dit hoeft niet voor het vervoer van een patiënt te zijn, zoals een ambulance. Het kan bijvoorbeeld een dienstauto van de huisartsenpost zijn. Deze is vooral bedoeld om de huisarts met spoed bij de patiënt te krijgen.
- Dierenambulance
Motorvoertuig, ingericht en bestemd om te worden gebruikt voor het vervoer van zieke en gewonde dieren. Deze voertuigen zijn nooit voorrangsvoertuigen. Wel hebben ze vaak extra gele zwaai- of knipperlichten om te zorgen dat ze beter te zien zijn.
Voorrangsvoertuigen
Voorrangsvoertuigen zijn motorvoertuigen die een dringende taak te vervullen hebben. Ze laten zien dat ze haast hebben door blauwe optische signalen (zwaailichten) en geluidssignalen in de vorm van een tweetonige hoorn (sirene). Zonder deze signalen, of met maar één van deze signalen, zijn het geen voorrangsvoertuigen.

Niet alleen voertuigen van deze diensten zijn voorrangsvoertuigen.

Ook voertuigen van Rijkswaterstaat en andere diensten kunnen voorrangsvoertuigen zijn.
Onder de voorrangsvoertuigen vallen onder andere de ambulances, politievoertuigen en brandweervoertuigen. Maar ook andere voertuigen mogen soms deze signalen voeren. Zij vallen dan ook onder de voorrangsvoertuigen. Denk hierbij aan voertuigen van Rijkswaterstaat of voor bloed- of orgaantransport.
Voorrangsvoertuig ruimte geven
Alle weggebruikers moeten bestuurders van een voorrangsvoertuig voor laten gaan. Belangrijk hierbij is dat je dit veilig doet. Je mag geen gevaar of hinder veroorzaken of regels overtreden om een voorrangsvoertuig erlangs te laten.
Als er een voorrangsvoertuig nadert, blijf dan vooral rustig. Een bestuurder van een voorrangsvoertuig zoekt zoveel mogelijk zelf zijn weg. Hoe voorspelbaarder je rijdt, hoe makkelijker dat voor ze is. Enkele tips:
- Maak pas ruimte als dit veilig kan. Rijd in de tussentijd door met de toegestane snelheid.
- Is er een rijstrook vrij, laat deze dan vrij voor het voorrangsvoertuig. Laat de vluchtstrook altijd vrij in geval van file!
- Rijd je op een rotonde of nader je deze met een voorrangsvoertuig achter je, blijf dan op de rotonde rijden, totdat het voorrangsvoertuig de rotonde heeft verlaten.
- Sta je voor een rood verkeerslicht, maak dan alleen ruimte als het voorrangsvoertuig er anders niet langs kan. Maak ook alleen ruimte als dit veilig kan. Rijd niet zomaar door een rood verkeerslicht het kruispunt op. Wachten is in dat geval veiliger.
- Wil een voorrangsvoertuig je voorbijrijden, blijf dan wel op de rijbaan en houd zoveel mogelijk rechts. Ga nooit met hoge snelheid ineens de berm in of de stoep op.
- Let altijd op of er niet meer voorrangsvoertuigen zijn.
Als je een voorrangsvoertuig niet of te laat ziet, kan je niet goed reageren. Zorg dus dat je regelmatig in de spiegels kijkt. Je ziet een voorrangsvoertuig soms al, voordat je hem kan horen. Houd daarnaast altijd voldoende afstand tot je voorganger, ook bij het wachten voor een verkeerslicht. Dan heb je nog ruimte om plaats te maken als er een voorrangsvoertuig langs wil.

Rijd in deze situatie gewoon een extra rondje, totdat de politieauto van de rotonde af is.

Rijd nooit zomaar de overweg op als de rode lampen branden om de brandweerauto erlangs te laten.
Het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid legt in dit filmpje uit wat je in verschillende situaties moet doen als een voorrangsvoertuig nadert.
Voorrangsvoertuigen en verkeersregels
Voorrangsvoertuigen mogen sommige verkeersregels negeren als zij hier een goede reden voor hebben. Zo mogen ze door rood licht rijden en sneller rijden dan normaal toegestaan. Politievoertuigen mogen dit zelfs als ze geen optische en geluidssignalen voeren. Ook zij mogen dit niet zomaar, maar alleen met een goede reden.