Op een kruispunt verlenen bestuurders voorrang aan de voor hen van rechts komende bestuurders. Er moet dan wel sprake zijn van een gelijkwaardig kruispunt.

Hierop gelden de volgende uitzonderingen:

1. Bestuurders op een onverharde weg verlenen voorrang aan bestuurders op een verharde weg.

2. Bestuurders verlenen voorrang aan bestuurders van een tram.

Gelijkwaardige wegen zijn wegen, zowel verhard als onverhard, die niet geregeld worden door een verkeersregelaar, verkeerslichten of verkeersborden. Gelijkwaardige bestuurders zijn bestuurders van voorrangsvoertuigen onderling, bestuurders van trams onderling en alle overige bestuurders onderling.



Als u een kruispunt nadert, stelt u eerst vast:

1. Hoe de verkeersdrukte is.

2. Waar u zich opstelt.

3. Hoe het uitzicht is voor uzelf.

4. Hoe het uitzicht is voor de andere bestuurders.



Verder geldt:

1. Het is u niet toegestaan om een kruispunt te blokkeren.

2. U bent verplicht voorrang te verlenen.

3. Bij het afslaan moet u tegemoetkomend verkeer voor laten gaan.

4. U mag niet stil gaan staan op een kruispunt.

5. U mag niet parkeren bij of op het kruispunt.




Conflictpunten op kruispunten

Een kruispunt maakt dus deel uit van verschillende erop uitmondende wegen met vaak veel verkeer. Daarom is de kans op conflictsituaties op kruispunten veel groter dan op normale wegen. De meeste ongelukken vinden dan ook plaats op kruispunten.


Terug naar de website